Sinds ik op de radio hoorde dat voor het maken van een spijkerbroek 15.000 liter water nodig is, wil ik mijn jeans dragen tot op de laatste draad. Of het lukt weet ik nog niet, het heel lang dragen van een kledingstuk kan ook voor een geïrriteerd humeur zorgen. Dat je vooral tijdloze kleding kan kopen zou dan wel erg handig zijn, een pasvorm die altijd mag en kan.
Een andere optie is dat handwerken weer als vak op school wordt gegeven. Dat we leren onze kleren te vermaken, aan te passen, vooral te repareren. Voor mijn kledingreparaties ga ik nu nog naar een kleermaakster in de buurt. Als ik bij haar langsga met m’n truien met gaatjes voel ik me altijd een beetje onbeholpen. Dit zou ik ook gewoon moeten kunnen, vind ik. Helemaal met de naaimachine van mijn overleden vriendin Bep, hij staat in schuur. Er is een voornemen geboren.