Ik wil iets maken, dát is het

De tijd nemen om over de toekomst na te denken, er eens goed voor gaan zitten, ik kan het iedereen aanraden. Lopen, struinen, zitten in je huis, in de tuin onder de perenboom – perelaar, zoals m’n moeder zegt. Niets anders doen dan dat kan een mens veel opleveren. Kan, schrijf ik expres, misschien is het niks voor jou en heb jij juist actie nodig voor omslag, geen geslenter.

In de tuin besloot ik dat ik iets wilde maken. Dat is het, iets maken, en dat is het trouwens nog steeds. Iets maken is iets een vorm geven, naar je eigen hoofd en hand. Een opgeborreld idee betekenis gaan geven, dat vergt moed man. Maar doe je dat goed genoeg, dan heeft een ander er ook nog iets aan. Als je klaar bent begint het rondje van denken naar maken weer opnieuw. En elke keer maak je je creatie een stukje beter. Soms zonder het door te hebben. Voilà, een van de essenties van mens-zijn, als je het mij vraagt dan.

Een stuk stap voor stap verfijnen

Schrijven is een ambacht, net als schoorstenen vegen, meubels maken, tekenen en van hout een boot schaven. Ambachten mogen nooit verdwijnen, het is het werk dat het dichtst bij ons staat. Gemaakt met onze handen, direct uit ons hoofd. Er zit niet veel tussen de gedachte en het resultaat. Ja, het stap voor stap in elkaar zetten en verfijnen, maar het gaat om één idee, één werkstuk. Ik zucht: ‘Mooi woord, ambacht, alleen de vorm al.’ Mensen die een ambacht leren doe je misschien wel tekort met het woord ‘student’.